|
Onschuldige, lieve meisjes staren me aan met hun grote glimmende ogen. Op het eerste gezicht lijken de, in zachte pasteltinten, geschilderde kinderen op schattige cartoonfiguren, maar deze blijken een grimmige ondertoon te hebben.
De kinderfiguren hebben een vlijmscherp mesje in hun hand, tranen die over hun wangen rollen of een sig aret in hun mondhoek. Ze ogen eenzaam, kwetsbaar, angstig en tegelijkertijd boos. Gefascineerd door de expositie, denk ik, weken na het bezoek aan het Gemeente Museum in Den Haag, nog steeds aan de afgebeelde meisjes. Maar dan niet zoals de hordes gillende tienermeisjes die de kunstenaar Yoshitomo Nara, verantwoordelijk voor de interessante werken, achter zich aan krijgt wanneer hij zich begeeft in de straten van de steden in Japan. Nee, de op het eerste gezicht zo eenvoudige schilderijen van Nara, dwingen mij te kijken naar en na te denken over de dieperliggende achtergrond.
De nieuwe wereld orde
De verdrietige cartoonachtige figuren verbeelden naar mijn idee, huidige sociale structuren van ongelijkheid, geweld en onbegrip, in een wereld waarin we zoeken naar een nieuwe balans. Een wereld waarin we los zijn geraakt van de sociale context, waar mobiliteit zorgt voor onzekerheid en een gevoel van verlies van controle. Een situatie die door antropologen wordt aangeduid met de term ‘nieuwe wereldorde.’ Aan de ene kant lijken we steeds meer verbonden met elkaar te raken, terwijl we er tegelijkertijd helemaal alleen voor staan. Grote veranderingen in de wereld laten ons twijfelen aan vaste kaders. Neem nu de natie-staat, eens een sterke eenheid die orde wist te brengen in chaos, maar zelfs deze vanzelfsprekendheid staat ter discussie. Processen van mondialisering raken ons allemaal. Mobiel of niet mobiel, arm of rijk, zwart of wit, oud of jong, de impact op een ieders leven is groot. Echter, waar de één geniet van de voordelen, zoals vrijheid en rijkdom, worstelt de ander met beperkingen. De één gaat terug naar het fundament van zijn religie om een nieuwe balans te vinden en de ander noemt zichzelf een kosmopoliet en reist van het ene continent naar het andere. Nieuwe vormen van geweld, grote ongelijkheden, armoede en uitbuiting komen daarbij aan het licht. Kortom: orde en controle zijn ver te zoeken.  In de ogen van de meisjes van Nara is onbegrip, angst, woede en verdriet hierover af te lezen. Ondanks het feit dat elk van hen alleen op een schilderij staat afgebeeld, zijn ze omringd door slechte mensen, met veel grotere messen, die een aanslag doen op de onschuldigheid van kinderen, aldus de kunstenaar zelf. In een zeker opzicht zijn velen van ons, volgens mij, net zoals de afgebeelde kinderen: boos, vertwijfeld en op zoek naar balans. We worstelen met vragen als: Wie zijn wij? en Wat gebeurt er allemaal? |