Home 2004 - Lichaam [Case] Lepra in Suriname - Pagina 2
[Case] Lepra in Suriname - Pagina 2 Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Annemarieke Blom   
Brandmerk
Met je uiterlijk maak je de eerste indruk. Als je in negatieve zin afwijkt van wat normaal wordt gevonden, kan dat invloed hebben op je eigenwaarde en leiden tot sociale uitsluiting. Veel van de ex-leprapatiënten die ik heb ontmoet ervaren dat elke dag door de verminkingen aan (in verband gewikkelde) handen en voeten, kromme vingers, veranderingen in het gezicht en soms oogproblemen. De afwijzing die zij van de buitenwereld ervaren, kan omschreven worden met het begrip stigma. Deze term stamt uit de Griekse oudheid, waar stigma letterlijk een brandmerk of merkteken inhield. Het stigma diende om criminelen, slaven en andere afwijkenden te kunnen onderscheiden van de ‘normale’ burgers. In de sociale wetenschappen kreeg stigma de bredere betekenis van een sociaal ‘brandmerk’: Elke lichamelijke toestand, persoonlijke eigenschap of gedragskenmerk dat in hoge mate degraderend is. Op het moment dat de verminkingen als gevolg van lepra ervoor zorgen dat (ex-)leprapatiënten als minderwaardig worden beschouwd, dan is er sprake van een stigma.
Lepra is stigmatiserend, omdat de lichamelijke manifestaties een bepaald schoonheidsideaal aantasten. Dit bleek uit de vele verhalen van veel (ex-)leprapatiënten en ‘gezonde’ mensen die ik interviewde. ‘Iedereen wil een schone huid hebben en wil er net zo uitzien als een ander mens. Als dat niet zo is, dan krijg je onzekere gevoelens’, veronderstelt een Surinaamse vrouw die zelf nooit lepra heeft gehad. Het leek velen een nachtmerrie om eerst mooi te zijn en daarna ‘door een ziekte zo te worden verminkt.’ Mevrouw Wooter weet hoe dat voelt. Ze is een ex-leprapatiënte, die in haar jeugd door anderen geprezen werd om haar schoonheid, maar dat veranderde. ‘Toen ik ongeveer zestien was, besefte ik dat ik om mijn handen met kromme, aangetaste vingers niet meer werd bewonderd’, zei ze onzeker lachend tegen me.
De bewondering maakte wellicht plaats voor afschuw. Sommige mensen durven niet goed te kijken naar handen zonder vingers of ogen die zijn aangetast en verliezen daardoor oog voor het karakter en het innerlijk van de patiënt. ‘Ik weet wel dat je verder moet kijken dan de buitenkant, maar we worden sterk beïnvloed door wat we zien. Nu probeer ik meer naar de persoon te kijken’, zegt de heer Pengel, die zelf geen lepra heeft gehad. Ook anderen zeggen dat zij zich niet altijd realiseren dat ‘leprapatiënten heel normale mensen zijn met dezelfde verlangens en dat alleen hun uiterlijk misvormd is door een ziekte.’ Hoe wreed het ook mag klinken, mensen die er niet normaal en verminkt uitzien, verliezen voor buitenstaanders hun persoonlijkheid en worden niet meer als volwaardige mensen beschouwd.


 
 

Statistics

Artikelen bekeken hits : 343825

Who's Online

We hebben 8 gasten online